Folio en kwarto

Inhoud
  1. Hoe het vouwen werkt
  2. Formaat zegt niet alles over grootte
  3. Hoe je het formaat herkent
  4. Formaten in de catalogus
  5. Veelgestelde vragen

Folio, kwarto en octavo zijn namen voor boekformaten die aangeven hoe vaak een vel papier is gevouwen voordat het in het boek werd gebonden. Een folio is eenmaal gevouwen en dus groot, een kwarto tweemaal, een octavo driemaal. De termen komen uit de tijd van de handpers, maar worden in bibliotheken nog steeds gebruikt om oude boeken te beschrijven.

Hoe het vouwen werkt

Een drukker bedrukte een groot vel papier aan beide kanten met meerdere pagina's tegelijk. Daarna werd het vel gevouwen tot een katern. Hoe vaker je vouwt, hoe kleiner en talrijker de bladen:

FormaatNotatieVouwenBladen per velPagina's per vel
Folio2°1 keer24
Kwarto4°2 keer48
Octavo8°3 keer816
Duodecimo12°anders gevouwen1224
Sedecimo16°4 keer1632

De namen komen uit het Latijn: in folio betekent 'in bladen', quarto 'in vieren', octavo 'in achten'. Na het vouwen werden de bladen aan de bovenkant en zijkant opengesneden, zodat je kon bladeren.

Formaat zegt niet alles over grootte

Het formaat geeft het aantal vouwen aan, niet de precieze afmetingen. Die hangen af van de grootte van het oorspronkelijke vel. Een folio op een klein vel kan kleiner zijn dan een kwarto op een groot vel. Toch geeft het een goede indruk: folio's zijn grote, zware boeken, octavo's handzame boeken die je in de hand houdt.

Het formaat zegt ook iets over het soort boek. Bijbels, atlassen en grote naslagwerken verschenen vaak in folio. Wetenschappelijke werken en toneelteksten in kwarto. Romans en populaire lectuur werden vanaf de zeventiende eeuw steeds vaker in octavo en kleiner gedrukt, wat ze goedkoper maakte.

Hoe je het formaat herkent

Bij oude boeken kijken boekhistorici naar het papier zelf:

  • Kettinglijnen: in handgeschept papier zijn lijnen zichtbaar van de mal. Bij folio lopen ze verticaal, bij kwarto horizontaal, bij octavo weer verticaal.
  • Watermerk: het watermerk zat in het midden van een helft van het vel. Bij folio zie je het midden op een blad, bij kwarto in de vouw van de rug, bij octavo bovenaan in de rug.
  • Katernsignaturen: letters of cijfers onderaan de pagina, die de binder hielpen de katernen in de goede volgorde te leggen.

Formaten in de catalogus

In de titelbeschrijving van een oud boek staat het formaat vaak als 2°, 4° of 8°. Bij moderne boeken noteren bibliotheken in plaats daarvan de hoogte in centimeters. In het magazijn worden boeken vaak op formaat geplaatst, zodat er geen ruimte verloren gaat: alle folio's bij elkaar, alle octavo's bij elkaar. Ook dat is terug te zien in de signatuur.

De basis van deze formaten ligt in de vorm van de codex: gevouwen bladen, samengebonden tot een boek. De technieken ontstonden met de boekdrukkunst, en ook incunabelen worden met deze termen beschreven.

Veelgestelde vragen

Wat betekent 'folio' in een moderne context?

Het woord wordt ook gebruikt voor een groot papierformaat, voor een genummerd blad in een handschrift (folio 12 recto en verso) of in de administratie voor een bladzijde in een register.

Is een pocket een octavo?

Niet in de oude, technische zin, want moderne boeken worden anders gedrukt en gevouwen. Het formaat van een pocket is wel vergelijkbaar met een klein octavo.

Wat betekenen recto en verso?

Recto is de voorkant van een blad, de rechterpagina als het boek openligt. Verso is de achterkant, de linkerpagina.

Bijgewerkt: