Voorlezen
Inhoud
Voorlezen is een van de meest effectieve dingen die je kunt doen voor de taalontwikkeling en het leesplezier van je kind. Het kost weinig, je kunt er al mee beginnen als je kind een baby is en je hoeft er niet mee te stoppen zodra je kind zelf leest. Op deze pagina lees je waarom het werkt, hoe je het aanpakt en welke boeken je kunt kiezen.
Waarom voorlezen werkt
Een voorgelezen verhaal bevat andere taal dan de taal van alledag. In boeken staan meer verschillende woorden, langere zinnen en woorden die kinderen in een gewoon gesprek zelden horen. Wie regelmatig wordt voorgelezen, bouwt daardoor ongemerkt een grotere woordenschat op. Die woordenschat is later een van de belangrijkste voorspellers van begrijpend lezen.
Daarnaast leert een kind hoe een verhaal is opgebouwd: een begin, een probleem, een oplossing. Het leert dat letters betekenis dragen, dat je een boek van voor naar achter leest en dat je van links naar rechts kijkt. En misschien het belangrijkste: het koppelt boeken aan aandacht en gezelligheid. Dat gevoel is de basis van leesplezier.
Hoe je goed voorleest
Goed voorlezen is geen toneelvoorstelling. Een paar eenvoudige dingen maken het verschil:
- Kies een vast moment. Voor het slapengaan is klassiek, maar na het eten of in het weekend bij het ontbijt werkt ook.
- Laat je kind meekijken. Bij prentenboeken zijn de platen minstens zo belangrijk als de tekst.
- Stel vragen. "Wat denk je dat er nu gebeurt?" of "Waarom is de beer verdrietig?" Dit heet interactief voorlezen en vergroot de betrokkenheid.
- Gebruik je stem. Varieer in tempo en volume, laat stiltes vallen bij spannende momenten. Stemmetjes zijn leuk, maar niet verplicht.
- Lees hetzelfde boek vaker. Kinderen willen vaak steeds hetzelfde verhaal. Dat is goed: bij herhaling pikken ze nieuwe woorden op en gaan ze meevertellen.
- Stop op tijd. Liever tien minuten met aandacht dan een half uur met een kind dat afhaakt.
Welke boeken bij welke leeftijd
| Leeftijd | Soort boeken | Waar je op let |
|---|---|---|
| 0 tot 1 jaar | Karton-, stoffen en badboekjes | Contrastrijke plaatjes, één object per pagina |
| 1 tot 2 jaar | Kartonboekjes met herkenbare dingen | Dieren, eten, voertuigen, dagritme |
| 2 tot 4 jaar | Prentenboeken | Een eenvoudig verhaal met herhaling en rijm |
| 4 tot 6 jaar | Langere prentenboeken, eerste voorleesverhalen | Humor, avontuur, herkenbare gevoelens |
| 6 tot 9 jaar | Voorleesboeken met hoofdstukken | Verhalen net boven het eigen leesniveau |
| 9 jaar en ouder | Jeugdromans, informatieve boeken | Spanning, fantasy, echte vragen over de wereld |
Klassieke voorleesboeken blijven het goed doen. Denk aan Pluk van de Petteflet van Annie M.G. Schmidt, de verhalen van Paul Biegel of de dierenverhalen van Toon Tellegen. Meer suggesties vind je bij leestips voor kinderen per leeftijd.
Blijf voorlezen als je kind zelf leest
Veel ouders stoppen met voorlezen zodra hun kind zelf kan lezen. Dat is jammer. Een kind in groep 4 of 5 kan meestal nog geen boeken aan die inhoudelijk aansluiten bij wat het interessant vindt; het technische leesniveau loopt achter op het begripsniveau. Door voor te lezen houd je de spannende, grappige of ontroerende verhalen bereikbaar. Je kunt ook afwisselen: jij leest een bladzijde, je kind de volgende.
Voor oudere kinderen kan een luisterboek een aanvulling zijn, bijvoorbeeld tijdens een lange autorit. Het vervangt het gezamenlijke moment niet, maar het houdt verhalen wel in het leven.
Voorlezen in een andere taal
Spreek je thuis een andere taal dan Nederlands? Lees dan voor in de taal die jij het best beheerst. Kinderen profiteren het meest van rijke, vloeiende taal, en vaardigheden als verhaalbegrip nemen ze mee naar het Nederlands. Veel bibliotheken hebben prentenboeken in andere talen of tweetalige uitgaven.
Hulp van de bibliotheek
De bibliotheek ondersteunt voorlezen op allerlei manieren. Via BoekStart krijg je bij veel bibliotheken een gratis lidmaatschap voor je baby en tips om te beginnen. Veel vestigingen organiseren voorleesmomenten, en tijdens de Nationale Voorleesdagen in januari staat het voorlezen aan peuters en kleuters landelijk centraal.
Veelgestelde vragen
Tot welke leeftijd moet je voorlezen?
Er is geen vaste grens. Veel kinderen genieten tot hun tiende of twaalfde van voorlezen, en het blijft zinvol zolang je kind het leuk vindt. Het helpt vooral in de periode dat het technisch lezen nog achterloopt op wat je kind inhoudelijk aankan.
Hoe vaak moet ik voorlezen?
Dagelijks voorlezen geeft het meeste effect, maar ook een paar keer per week is waardevol. Regelmaat is belangrijker dan duur.
Mijn kind wil steeds hetzelfde boek. Is dat erg?
Nee. Herhaling helpt kinderen om woorden en zinsconstructies op te pikken en geeft een gevoel van voorspelbaarheid. Bied daarnaast af en toe iets nieuws aan.
Telt een luisterboek ook als voorlezen?
Een luisterboek is een goede aanvulling, zeker voor oudere kinderen. Het gezamenlijke moment met vragen en gesprek kan een luisterboek niet vervangen.
Bijgewerkt: