Dik Trom
Inhoud
Uit het leven van Dik Trom van C. Joh. Kieviet verscheen in 1891 en is een van de oudste Nederlandse kinderboeken die nog altijd bekend zijn. Het gaat over een dikke, ondernemende dorpsjongen die voortdurend kattenkwaad uithaalt, maar eigenlijk een goed hart heeft. Dik Trom groeide uit tot een begrip: er kwamen vervolgdelen, films, strips, een musical en zelfs een standbeeld.
| Auteur | C. Joh. Kieviet (Cornelis Johannes Kieviet, 1858–1931) |
|---|---|
| Verschenen | 1891, Uit het leven van Dik Trom |
| Genre | Kinderboek, kwajongensverhalen |
| Leeftijd | Voorlezen vanaf ongeveer 7 jaar, zelf lezen vanaf ongeveer 9 jaar |
| Vervolgdelen | Onder meer De zoon van Dik Trom (1907) en Dik Trom en zijn dorpsgenoten (1920) |
| Verfilmingen | Een reeks films vanaf 1937, de laatste Dik Trom (2010) |
Waar gaat Dik Trom over?
Dik Trom is van jongs af aan een stevig kind, en dat levert hem zijn bijnaam op. Hij woont met zijn ouders in een klein dorp; zijn vader is timmerman. Dik is slim, eigenwijs en altijd in voor een grap. Zijn streken brengen het dorp regelmatig in rep en roer, en hij moet geregeld de gevolgen dragen.
Het boek is geen doorlopende roman met één grote spanningsboog, maar een reeks losse voorvallen uit Diks jeugd. Juist dat maakt het geschikt om voor te lezen: elk hoofdstuk is een afgerond avontuurtje. Bekend is het beeld van Dik die achterstevoren op een ezel zit, en van de taartjes die hij naar iemands hoofd gooit.
Samenvatting
Let op: spoilers. Hieronder lees je in grote lijnen wat er in de boeken gebeurt.
In Uit het leven van Dik Trom volg je Dik van zijn vroegste jaren tot hij wat ouder is. Hij haalt grappen uit met dorpsgenoten, onderwijzers en andere kinderen, en wordt soms gestraft. Tegelijk laat hij zien dat hij behulpzaam en eerlijk is als het erop aankomt. Zijn vader zegt steeds weer dat Dik een bijzonder kind is, en dat blijkt ook: zijn ondeugd komt voort uit energie en vindingrijkheid, niet uit gemeenheid. Aan het eind van het boek is Dik een jongen geworden op wie zijn omgeving trots kan zijn.
Kieviet schreef daarna nog meer boeken over zijn held. In De zoon van Dik Trom (1907) is Dik volwassen en draait het om zijn zoon Jan, die net zo ondernemend is als zijn vader. In Toen Dik Trom een jongen was (1912), Dik Trom en zijn dorpsgenoten (1920), het tweede boek daarover (1923) en De avonturen van Dik Trom (1931) komen weer nieuwe voorvallen en dorpsfiguren aan bod.
Thema's en motieven
- Ondeugd met een goed hart. Dik haalt streken uit, maar is nooit echt slecht. Dat was nieuw in een tijd waarin kinderboeken vooral braafheid predikten.
- Het dorpsleven. De boeken geven een beeld van het platteland rond 1900: de school, de ambachten, de dorpsbewoners.
- Opvoeding. Hoe ga je om met een kind dat anders is? Diks vader gelooft in zijn zoon, ook als anderen dat niet doen.
- Humor. De verhalen draaien om situatiekomedie en grappige verwikkelingen.
Personages
- Dik Trom: de hoofdpersoon, dik, slim, ondeugend en gul.
- Vader Trom: timmerman, die zijn zoon steeds verdedigt.
- Moeder Trom: Diks moeder.
- Dorpsgenoten: onderwijzers, boeren, winkeliers en kinderen die met Diks streken te maken krijgen.
- Jan Trom: Diks zoon, de hoofdpersoon van De zoon van Dik Trom.
Stijl
Kieviet was zelf onderwijzer en schreef eenvoudig, levendig en met een duidelijke verteller die de lezer meeneemt. Het taalgebruik is dat van rond 1900, dus sommige woorden en uitdrukkingen voelen nu ouderwets aan. Latere drukken zijn vaak taalkundig gemoderniseerd. De korte hoofdstukken en het gevoel voor humor maken de boeken nog steeds goed voorleesbaar.
Ontvangst en verfilmingen
De eerste druk verkocht langzaam. Pas de tweede druk uit 1899, met illustraties van Johan Braakensiek, werd een groot succes. Voor de Tweede Wereldoorlog verschenen tientallen herdrukken. De zoon van Dik Trom werd tijdens de Duitse bezetting gecensureerd vanwege anti-Duitse passages.
Dik Trom werd vaak verfilmd: in 1937 (Uit het leven van Dik Trom), 1947 en 1972 (Dik Trom en zijn dorpsgenoten), en daarna onder meer in 1958, 1960, 1974, 1976, 2001 en 2002. De film Dik Trom uit 2010 vertelt een nieuw verhaal dat los staat van de boeken. In 2012 volgde een musical. Dick Matena maakte in de jaren negentig stripversies voor de Donald Duck. In Hoofddorp, waar Kieviet geboren werd, staat sinds 1973 een bronzen beeld van Dik Trom op een ezel.
Dik Trom was ook een voorbeeld voor andere kwajongensboeken. Pietje Bell van Chr. van Abkoude, vanaf 1914, gaat nog een stap verder in ondeugendheid.
Waarom lees je het vandaag nog?
Dik Trom laat zien hoe kinderboeken veranderden: van zedenpreken naar verhalen waarin een kind gewoon kind mag zijn. Wie wil weten hoe kinderen rond 1900 leefden, vindt in deze boeken veel herkenbare en vreemde details. Het is daarnaast een prettig boek om samen te lezen; lees meer over voorlezen.
Tips voor je boekverslag
- Kies twee of drie streken van Dik en leg uit waarom hij ze uithaalt.
- Vergelijk het dorpsleven in het boek met het leven van kinderen nu.
- Bespreek de rol van de vader: waarom blijft hij in Dik geloven?
- Vergelijk Dik Trom met een moderne ondeugende held, bijvoorbeeld uit Pluk van de Petteflet.
- Let op het taalgebruik: welke woorden ken je niet meer?
Dik Trom is te leen bij de bibliotheek, vaak in een hertaalde uitgave. Kinderen zijn meestal gratis lid; lees meer over het jeugdlidmaatschap. Meer jeugdboeken staan bij de klassiekers.
Veelgestelde vragen
Wie schreef Dik Trom?
C. Joh. Kieviet (1858–1931), een onderwijzer uit de Haarlemmermeer. Het eerste boek, Uit het leven van Dik Trom, verscheen in 1891.
Hoeveel Dik Trom-boeken zijn er?
Kieviet schreef zes boeken over Dik Trom en zijn zoon, verschenen tussen 1891 en 1931.
Waar speelt Dik Trom?
In een klein dorp dat gebaseerd is op plaatsen die Kieviet kende, zoals Kruisdorp (het latere Hoofddorp) en Etersheim, waar hij onderwijzer was. In Hoofddorp staat een standbeeld van Dik Trom.
Is Dik Trom verfilmd?
Ja, vaak. De eerste film kwam uit in 1937, de recentste in 2010. Die laatste film vertelt een nieuw verhaal.
Bijgewerkt: