Paul van Ostaijen

Inhoud
  1. Leven
  2. Stijl en thema's
  3. Belangrijkste werken
  4. Waar begin je?
  5. Paul van Ostaijen in de bibliotheek
  6. Veelgestelde vragen

Paul van Ostaijen (1896–1928) was een Antwerpse dichter en de belangrijkste vernieuwer van de Nederlandstalige poëzie in het begin van de twintigste eeuw. Hij experimenteerde met typografie, klank en ritme in de bundel Bezette Stad (1921) en schreef later korte, muzikale gedichten als Melopee en Marc groet 's morgens de dingen, die nog altijd op school worden gelezen. Hij werd maar 32 jaar.

Leven

Paul van Ostaijen werd op 22 februari 1896 geboren in Antwerpen. Als jongeman werkte hij als klerk bij het stadsbestuur en bewoog hij zich in het Antwerpse uitgaans- en kunstleven. In 1916, midden in de Eerste Wereldoorlog en de Duitse bezetting, debuteerde hij met de bundel Music-Hall, levendige gedichten over de moderne stad.

Tijdens de oorlog sloot hij zich aan bij het activisme, de Vlaamse beweging die met de bezetter samenwerkte om Vlaamse eisen te verwezenlijken. Hij schreef anoniem voor de activistische Antwerpsche Courant. In 1918 werd hij veroordeeld wegens smaad aan kardinaal Mercier, en na de oorlog volgde een veroordeling tot acht maanden cel. Kort voor het einde van de oorlog vluchtte hij met zijn vriendin Emma Clément naar Berlijn.

In Berlijn kwam hij in contact met het Duitse expressionisme en het dadaïsme. Hij beleefde er een diepe geestelijke crisis en schreef er De feesten van angst en pijn, dat pas na zijn dood volledig werd uitgegeven. In 1921 verscheen Bezette Stad, zijn experimentele bundel over Antwerpen tijdens de bezetting. Nog datzelfde jaar keerde hij, na amnestie, terug naar België.

Terug in Vlaanderen werkte hij als kunstcriticus en kunsthandelaar. In 1925 opende hij in Brussel de galerie À la vierge poupine, die na ongeveer een jaar sloot. Hij was toen al ziek. Op 18 maart 1928 overleed hij aan de gevolgen van tuberculose in een sanatorium in Miavoye-Anthée, bij Dinant.

Stijl en thema's

Van Ostaijen doorliep in korte tijd verschillende fasen. Music-Hall is nog vrij traditioneel. Het Sienjaal (1918) is humanitair expressionistisch: vol idealisme en verbroedering. Bezette Stad is het radicaalst: hij gebruikt verschillende lettertypes en -groottes, verspreidt woorden over de bladzijde en laat de typografie het ritme en lawaai van de stad uitbeelden. Het boek werd vormgegeven met houtsneden van Oscar Jespers.

In zijn laatste jaren zocht hij naar wat hij zuivere lyriek noemde: poëzie die niet over gevoelens of de werkelijkheid gaat, maar draait om klank, ritme en de verbinding tussen woorden. Deze periode wordt ook wel het organisch expressionisme genoemd. De gedichten uit die tijd, verzameld in de Nagelaten gedichten, zijn kort, muzikaal en vaak speels. Voorbeelden zijn Melopee, Marc groet 's morgens de dingen, Alpejagerslied en Huldegedicht aan Singer.

Daarnaast schreef Van Ostaijen grotesken: korte, absurde en satirische prozastukken, verzameld in onder meer Vogelvrij (1928) en De bende van de stronk (1932). Hij was ook een scherp essayist over kunst en poëzie. Zijn werk beïnvloedde latere generaties, onder wie de Vijftigers rond Lucebert.

Belangrijkste werken

TitelJaarSoort
Music-Hall1916poëzie
Het Sienjaal1918poëzie
Bezette Stad1921poëzie
Nagelaten gedichten1928poëzie
Vogelvrij1928grotesken
De bende van de stronk1932grotesken
Diergaarde voor kinderen van nu1932kindergedichten
Self-defense1933essays
De feesten van angst en pijnpostuumpoëzie

Veel bundels verschenen na zijn dood. Zijn verzameld werk is in verschillende edities uitgegeven, onder meer door Gerrit Borgers.

Waar begin je?

  • Instappen: de korte gedichten uit de Nagelaten gedichten, zoals Melopee en Marc groet 's morgens de dingen. Lees ze hardop: de klank is belangrijker dan de betekenis.
  • Voor wie van experiment houdt: Bezette Stad. Bekijk het in een facsimile-uitgave, want de typografie is essentieel.
  • Speels: Diergaarde voor kinderen van nu, korte dierengedichten die ook voor kinderen leuk zijn.

Hoe je zulke gedichten leest, staat op de pagina poëzie lezen. Andere modernisten uit dezelfde tijd zijn Hendrik Marsman in Nederland en, later, Herman de Coninck, die een halve eeuw later juist heel helder en verhalend schreef.

Paul van Ostaijen in de bibliotheek

Zijn verzamelde gedichten staan in de poëzieafdeling van de meeste grotere bibliotheken. Bezette Stad is in facsimile heruitgegeven, zodat je de oorspronkelijke vormgeving kunt zien. Omdat zijn werk rechtenvrij is, is veel ervan ook digitaal te lezen via de DBNL. Kijk daarnaast bij e-books lenen voor recente uitgaven. Over het leven van schrijvers als hij kun je meer zien in het Literatuurmuseum.

Veelgestelde vragen

Wat is Bezette Stad?

Een experimentele dichtbundel uit 1921 over Antwerpen tijdens de Duitse bezetting in de Eerste Wereldoorlog. Van Ostaijen gebruikt wisselende letters, groottes en plaatsing op de pagina om het ritme en het lawaai van de stad te laten zien.

Wat is zuivere lyriek?

Zo noemde Van Ostaijen poëzie die losstaat van de werkelijkheid en van de gevoelens van de dichter. Het gaat om klank, ritme en de onderlinge verbinding van woorden.

Hoe oud werd Paul van Ostaijen?

Hij werd 32 jaar. Hij overleed op 18 maart 1928 aan de gevolgen van tuberculose in een sanatorium bij Dinant.

Welk gedicht van Paul van Ostaijen is het bekendst?

Melopee, een kort gedicht over een rivier onder de maan, en Marc groet 's morgens de dingen behoren tot de meest gelezen gedichten van de Nederlandstalige literatuur.

Bijgewerkt: