Simon Carmiggelt
Inhoud
Simon Carmiggelt (1913–1987) was de meester van het korte stukje. Onder de naam Kronkel schreef hij vanaf 1946 ruim veertig jaar lang bijna dagelijks een column in Het Parool, in totaal meer dan tienduizend. Zijn Kronkels gaan over gewone mensen in cafés, op straat en thuis, verteld met droge humor en een flinke dosis weemoed.
Leven
Simon Johannes Carmiggelt werd op 7 oktober 1913 in Den Haag geboren. Hij begon als jongeman in de journalistiek, eerst als vrijwilliger bij Het Vaderland en daarna bij de Haagse editie van het socialistische dagblad Het Volk. Daar schreef hij vanaf 1936 de rubriek Kleinigheden, een voorloper van zijn latere Kronkels. In 1939 trouwde hij met Tiny de Goey; ze kregen een dochter en een zoon.
Tijdens de bezetting hielp hij bij het maken van de illegale krant Het Parool. Zijn oudere broer Jan, die in het verzet zat, kwam in 1943 om in een kamp. Dat verlies heeft Carmiggelt diep geraakt.
Na de oorlog werd hij redacteur bij Het Parool, waar op 25 oktober 1946 de eerste Kronkel verscheen. Hij schreef ook toneel- en filmkritieken en cabaretteksten voor onder anderen Wim Kan en Wim Sonneveld. Vanaf de jaren vijftig las hij zijn stukjes voor op radio en televisie, en zijn kenmerkende, wat sombere voorleesstem werd bij een groot publiek bekend. Carmiggelt ontving de Constantijn Huygensprijs (1961) en de P.C. Hooft-prijs (1974). Hij overleed op 30 november 1987 in Amsterdam.
Stijl en thema's
Een Kronkel is kort, vaak niet meer dan een paar honderd woorden. Carmiggelt beschrijft een ontmoeting, een gesprek in een café of een klein voorval, en eindigt met een wending die het geheel een andere kleur geeft. Hij schrijft eenvoudig en precies, met veel dialoog, en laat zijn personages vooral zelf aan het woord.
Zijn wereld is die van de kleine man: kroegbazen, oude vrouwtjes, mislukte kunstenaars, dronkaards en kinderen. Hij kijkt met mededogen naar hun eigenaardigheden en zwakheden. Onder de humor zit vaak eenzaamheid, angst voor de dood en het besef dat het leven vooral bestaat uit kleine teleurstellingen. In zijn latere werk schreef hij steeds vaker over ouderdom en het naderende einde.
Belangrijkste werken
| Titel | Jaar | Soort |
|---|---|---|
| Vijftig dwaasheden | 1940 | korte stukken (debuut) |
| Honderd dwaasheden | 1946 | korte stukken |
| Kronkels kronkelpaden | 1947 | Kronkels |
| Tussen mal en dwaas | 1949 | Kronkels |
| Louter leugens | 1951 | Kronkels |
| Jaarlijkse bundels met Kronkels | vanaf de jaren vijftig | Kronkels |
Waarom lees je Carmiggelt nu nog?
Carmiggelt laat zien hoeveel je in een paar honderd woorden kunt zeggen. Zijn stukjes zijn een les in observeren en weglaten, en daarom worden ze ook gelezen door mensen die zelf willen leren schrijven. Elke Kronkel is in een paar minuten uit, maar blijft vaak lang hangen.
Daarnaast zijn ze een tijdsbeeld van Nederland, en vooral Amsterdam, in de decennia na de oorlog: de bruine cafés, de buurtwinkels, de manier waarop mensen met elkaar praatten. In 2002 werd hij opgenomen in de Canon van de Nederlandse letterkunde, naast schrijvers van wie je de boeken bij de klassiekers vindt.
Waar begin je?
Begin met een bloemlezing van zijn Kronkels. Lees er niet te veel achter elkaar: het werkt het best als je er elke dag een paar leest, zoals de lezers van Het Parool dat vroeger deden. Opnamen waarop Carmiggelt zelf voorleest, zijn ook een aanrader; zijn stem hoort voor veel mensen bij de stukjes.
Wie van Carmiggelt houdt, vindt verwant werk bij Godfried Bomans en de columns van Remco Campert. Ook de weemoedige Amsterdamse verhalen van Nescio passen goed in dat rijtje.
Carmiggelt lenen in de bibliotheek
Bundels en bloemlezingen van Carmiggelt zijn in de meeste bibliotheken te vinden. Omdat hij zo veel publiceerde, staan niet alle bundels overal, maar je kunt ze vaak reserveren. Sommige verzamelingen zijn ook als e-book of luisterboek beschikbaar. Over zijn P.C. Hooft-prijs lees je meer bij literaire prijzen.
Veelgestelde vragen
Wat is een Kronkel?
Een Kronkel is een kort, humoristisch en vaak weemoedig stukje dat Simon Carmiggelt onder het pseudoniem Kronkel in Het Parool schreef. Hij schreef er tussen 1946 en 1987 meer dan tienduizend.
Hoeveel Kronkels schreef Carmiggelt?
Meer dan tienduizend, verspreid over ruim veertig jaar. Een selectie verscheen elk jaar in boekvorm.
Welke prijzen kreeg Simon Carmiggelt?
Hij ontving onder meer de Constantijn Huygensprijs in 1961 en de P.C. Hooft-prijs over 1974.
Bijgewerkt: