Laaggeletterdheid

Inhoud
  1. Wat is laaggeletterdheid?
  2. Hoeveel mensen zijn laaggeletterd?
  3. Gevolgen in het dagelijks leven
  4. Signalen herkennen
  5. Waar vind je hulp?
  6. Voorkomen begint vroeg
  7. Veelgestelde vragen

Laaggeletterdheid betekent dat iemand zoveel moeite heeft met lezen en schrijven dat het meedoen in het dagelijks leven lastig wordt. Volgens Stichting Lezen & Schrijven hebben in Nederland zo'n 2,5 miljoen mensen van 16 jaar en ouder moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. Hulp is dichtbij: in veel bibliotheken zit een Taalhuis, waar je gratis en zonder oordeel terechtkunt.

Wat is laaggeletterdheid?

Iemand is laaggeletterd als hij of zij wel kan lezen en schrijven, maar niet goed genoeg om de teksten te begrijpen die in het dagelijks leven nodig zijn. Denk aan een brief van de gemeente, een bijsluiter, een formulier van de Belastingdienst, een sollicitatiebrief of een bericht van school. Laaggeletterdheid is iets anders dan analfabetisme: een analfabeet heeft nooit leren lezen en schrijven.

Vaak gaat laaggeletterdheid samen met moeite met rekenen of met digitale vaardigheden. Daarom wordt vaak gesproken van moeite met basisvaardigheden: taal, rekenen en digitaal.

Hoeveel mensen zijn laaggeletterd?

Stichting Lezen & Schrijven noemt het cijfer van 2,5 miljoen mensen van 16 jaar en ouder. Volgens de stichting is het aantal gestegen: in 2004 ging het om ongeveer 1,6 miljoen mensen. Een veelvoorkomend misverstand is dat laaggeletterdheid vooral voorkomt bij mensen die Nederlands als tweede taal leren. Een groot deel van de laaggeletterden is in Nederland geboren en heeft Nederlands als moedertaal.

Het onderwerp is ook urgent voor jongeren. In het PISA-onderzoek van 2022 haalde ongeveer een derde van de 15-jarigen niet het basisniveau voor lezen. Dat is niet hetzelfde als laaggeletterd zijn, maar het betekent wel dat veel jongeren moeite hebben met het begrijpen van complexere teksten. Zie ook leesbevordering.

Gevolgen in het dagelijks leven

Laaggeletterdheid raakt veel levensgebieden:

  • Werk: moeite met het lezen van instructies, roosters of veiligheidsvoorschriften, en minder kans op een baan of doorgroei.
  • Gezondheid: bijsluiters en informatie van de huisarts of het ziekenhuis worden slecht begrepen.
  • Geldzaken: brieven over toeslagen, belastingen en contracten zijn moeilijk te volgen, met risico op schulden.
  • Kinderen: ouders kunnen moeilijk voorlezen of helpen met huiswerk.
  • Digitale overheid: steeds meer zaken lopen via websites en apps, waarvoor je moet kunnen lezen.

Signalen herkennen

Mensen die laaggeletterd zijn, schamen zich er vaak voor en ontwikkelen slimme manieren om het te verbergen. Signalen kunnen zijn:

  • Zeggen dat ze hun bril zijn vergeten als ze iets moeten lezen.
  • Formulieren mee naar huis willen nemen om ze "later in te vullen".
  • Altijd iemand anders laten lezen of schrijven.
  • Afspraken missen of verkeerd begrijpen na een schriftelijke uitnodiging.
  • Liever bellen dan mailen.

Vermoed je dat iemand in je omgeving moeite heeft met lezen? Begin het gesprek voorzichtig en zonder oordeel, en wijs op de mogelijkheden voor hulp.

Waar vind je hulp?

Het Taalhuis. In veel bibliotheken zit een Taalhuis, een laagdrempelige plek waar volwassenen terechtkunnen om beter te leren lezen, schrijven, rekenen of met de computer te werken. Je krijgt advies, wordt doorverwezen naar een passende cursus of gekoppeld aan een vrijwillig taalmaatje. Deelname is meestal gratis.

De bibliotheek. Naast het Taalhuis bieden bibliotheken cursussen in digitale vaardigheden en hulp bij digitale overheidszaken via het Informatiepunt Digitale Overheid. Ook boeken in eenvoudige taal zijn te leen; zie makkelijk lezen.

Taalcursussen. Gemeenten financieren taalcursussen voor volwassenen, vaak via ROC's of welzijnsorganisaties. Het Taalhuis kan je de weg wijzen.

Stichting Lezen & Schrijven. Deze landelijke stichting zet zich in tegen laaggeletterdheid, met campagnes, onderzoek en programma's voor gemeenten, werkgevers en zorgverleners.

Voorkomen begint vroeg

Laaggeletterdheid wordt vaak van generatie op generatie doorgegeven: ouders die zelf moeite hebben met lezen, lezen minder voor en hebben minder boeken in huis. Daarom is vroeg beginnen belangrijk. Programma's als BoekStart en de Bibliotheek op school zijn juist bedoeld om alle kinderen, ongeacht hun achtergrond, met boeken in aanraking te brengen.

Veelgestelde vragen

Hoeveel mensen in Nederland zijn laaggeletterd?

Volgens Stichting Lezen & Schrijven hebben ongeveer 2,5 miljoen mensen van 16 jaar en ouder moeite met lezen, schrijven en/of rekenen.

Wat is het verschil tussen laaggeletterd en analfabeet?

Een analfabeet kan helemaal niet lezen en schrijven. Iemand die laaggeletterd is, kan dat wel, maar onvoldoende om goed mee te doen in het dagelijks leven.

Is hulp bij het Taalhuis gratis?

Meestal wel. Het Taalhuis in de bibliotheek biedt advies, verwijst door naar cursussen en koppelt mensen aan vrijwilligers. Vraag bij je eigen bibliotheek naar de mogelijkheden.

Zijn laaggeletterden vooral mensen met een migratieachtergrond?

Nee. Een groot deel van de laaggeletterden is in Nederland geboren en heeft Nederlands als moedertaal.

Bijgewerkt: